`
Fietsvakanties voor iedereen
 
Facebook
Youtube
Email
Fietsvakantie ZOEKER
FietsvakantieZOEKER

Van Aken naar Trier

Keizerlijk Fietsen van Aken naar Trier

De ‘Vennbahn’ is onder fietsfanaten inmiddels een welbekende route. Het 125 km lange, voormalige spoortraject brengt je met slechts een maximum stijgingspercentage van 2% van het Duitse Aken naar Troisvierges in Luxemburg. Rondom dit geroemde fietspad ontwikkelden we al de populaire Vierlanden Vennbahn fietsreis. Wat weinig mensen weten is dat de ‘Vennbahn’ perfect aansluit op de eveneens mooie ‘Kyllradweg’. Je kunt zo, vrijwel volledig over fietspaden, van Aken naar het ‘Romeinse’ Trier trappen. Dat vraagt natuurlijk om een fietsvakantie!

 Aankomst Aken

Ik begin in Aken, de Duitse Domstad, die op zichzelf al een reisbestemming kan zijn. Deze plek werd reeds door de Kelten en Romeinen als kuuroord gebruikt, maar kreeg pas echt bekendheid onder Karel de Grote. Hij maakte Aken tot hoofdstad van het Frankische Rijk, dat zich toen uitstrekte over een groot deel van West-Europa. De imposante Dom is het bekendste overblijfsel uit deze periode. Morgenvroeg spring ik op de fiets. Maar eerst even stappen in Aken.

De Vennbahn?

Na een stevig ontbijt in het hotel bereik ik op de fiets al snel het treinstation Aachen-Rothe Erde, waar ik het eerste kilometerbord van de ‘Vennbahn’ route aantref. De Vennbahn-spoorlijn werd door het Verdrag van Versailles aan België toegewezen en diende meer dan 100 jaar als spoorwegverbinding tussen Aken en Troisvierges. Dat de gehele ‘Vennbahn’ aan België werd toegewezen, kun je nog zien op oude kaarten, waar de spoorlijn een Waals strookje in Duitsland is. Na sluiting en jaren van verval werd het treintraject in 2013 omgetoverd tot een prachtig fietspad waarlangs je ontspannen door Eifel en Ardennen kan toeren. De oude spoorlijn kent een bijzonder rijke historie, die op de website van de Vennbahn is terug te vinden.

Vertrek uit Aken

Over de ‘Vennbahn’ fiets ik ontspannen dwars door Aken. Ik passeer het voormalige station Aachen Brand en maak een rondje door de pittoreske wijk Kornelimünster. Het is vroeg en ook nog fris maar de terrasjes in het historische ‘Ortsmitte’ zien er al bijzonder aantrekkelijk uit. Na het dorpje Schmithof laat ik de drukke, bewoonde wereld pas echt achter mij en fiets door een prachtige oase van groen. De restanten van het oude treinspoortje aan mijn rechterhand zijn de stille getuigen uit een periode, dat hier tonnen steenkool en ijzererts werden vervoerd.

 

Lunchstop in Monschau

Mijn eerste stop is in Monschau, een schilderachtig stadje dat een magnetische aantrekkingskracht heeft op toeristen. Begrijpelijk, want het zicht op de typische vakwerkhuizen, die uittorenen boven de snelstromende Roer, is magnifiek. Het zal hier ’s zomers wel oncomfortabel druk zijn, ben ik bang. Na een lunch in het ‘gemütliche’ Rur-café wordt het tijd om verder te fietsen. Monschau ligt in een dal; dat wordt dus eerst een stukje klimmen. Het blijkt bepaald geen straf want ik volg een prachtig, onverhard weggetje langs de rivier. Buiten het gekwetter van vogels en de ruisende Roer is het hier stil. Vlak voor het klooster Reichenstein pik ik de ‘Vennbahn’ weer op.

Over de Hoge Venen

Het is volop genieten geblazen in de groene, glooiende omgeving van de Hoge Venen. Een koe in een naastgelegen weiland staart mij glazig aan als ik haar vriendelijk gedag zeg. Er volgen de oude stations van Sourbrodt en Weywertz. Met een beetje fantasie kun je je voorstellen hoe het vroeger hier moet zijn geweest, toen de trein nog af en aan reed. Even voorbij Weywertz verlaat ik met enig pijn in het hart de ‘Vennbahn’ om vervolgens een andere mooie, gemarkeerde route te gaan volgen.

Van Vennbahn naar RAVel

RAVel staat vrij vertaald voor ‘autonoom netwerk van wegen voor langzaam verkeer’. In Wallonië worden steeds meer wegen zodanig ontwikkeld en ingericht dat fietsers en wandelaars, via een wonderschoon routenetwerk, de regio kunnen doorkruisen. Zo is de RAVeL L45a een prachtig aangelegd fietspad, met aan weerszijden een ‘groene wal’. Het verbindt de ‘Vennbahn’ route met de al even zo mooie ‘Kylltalradweg’. Maar dat zien we morgen, want ik strijk vandaag neer in Bütgenbach, voor een comfortabele overnachting in het Bütgenbacher Hof. In de Spa van het hotel kijk ik terug op een geslaagde fietsdag.

De Kylltalradweg

Een stevig ‘Frühstuck’ zorgt voor volop energie voor de etappe van vandaag. Ik draai al snel de RAVeL L45a op, en ‘luister’ naar de stilte om me heen. Ik fiets over een smal pad, soms ingeklemd tussen groene struikwallen, dan weer met prachtig uitzicht over uitgestrekte velden. Het is vals plat, dat eigenlijk alleen is te merken aan mijn wat lagere snelheid. Verder perfect geasfalteerd met hier en daar een heerlijk bollinkje. Midden in het bos, vlak na een viaduct hoog boven mij, verschijnt plotsklaps het bord: ‘Kyll-Radweg’. Het blijkt het officiële begin van het fietspad dat mij naar Trier gaat brengen.

De bron van de Kyll

Bij het startpunt van de ‘Kyll-Radweg’ komen verschillende bronbeekjes tezamen en vormen zo het riviertje de ‘Kyll’, dat 125 km verderop bij Trier uitmondt in de Moezel. Vanaf nu zal het fietspad voornamelijk geleidelijk dalen, wat het fietsen ontspannener maakt. In de verte doemt de ruïne van Burg Kronenberg op. Het vergt een pittige wandeling omhoog, maar het uitzicht is er vervolgens magnifiek! Dat geldt ook voor de bewegwijzering van de ‘radweg’; je kunt eigenlijk niet verkeerd rijden want op geen enkele kruising of afslag wordt een bordje gemist. En als je wat wilt eten of drinken, verlaat dan even het fietspad om in het ‘Ortsmitte’ van Hallschlag, Stadtkyll of Jünkerath je slag te slaan. Ook deze plaatsjes staan perfect aangegeven op de bordjes langs de route.

De mooie Eifel

Op weg naar Sprudelstadt Gerolstein, maak ik een korte stop bij het Eisenmuseum in Jünkerath, waar ik veel kom te weten over de ijzerbouw-geschiedenis in de Eifel. Alhoewel de weg overwegend afloopt, moet er zo nu en dan toch een kort klimmetje worden gemaakt. Langer dan 300 meter (steil) omhoog wordt het echter niet. Het leuke aan de ‘Kylltradweg’ vind ik, is dat je niet alleen langs de weliswaar mooie, snelstromende rivier fietst, maar af en toe ook uitwijkt naar de omringende bossen en open akkerlanden.

Fietsen of treinen

Vanaf Jünkerath duikt af en toe een spoorlijntje op, dat je vergezelt tot aan Trier. De trein stopt in vrijwel elk plaatsje dat je passeert. Een comfortabel idee voor als het regent of wanneer je een stukje wilt overslaan. Uiteindelijk brengt een snelle, laatste afdaling mij in Gerolstein. Vanaf hier is de keuze links omhoog of rechts omhoog. Ik kies eerst voor het eerste, richting het centrum van de bekende mineraalwaterstad. Buiten de ruïne van de Leeuwenburcht blijkt hier niet veel moois te zien. De andere beklimming voert naar mijn overnachtingshotel aan de Stausee, waar het terras mij dan wel weer prima bevalt. Een wandeling naar de Schockenturm, dat een prachtig uitzicht over de Vulkaaneifel biedt, is een aanrader voor degene die nog wat energie over heeft.

De weg naar Kyllburg

Na een goede nachtrust en dito ontbijt wordt het tijd voor de laatste rit naar Trier. Het eerste deel -naar Bitburg - is misschien wel het mooiste gedeelte van de hele reis. Wederom word ik gegrepen door de serene rust. De grotendeels vrije fietspaden liggen er prachtig bij, en de route gaat grotendeels heuvelafwaarts. Zo nu en dan moet ik een paar honderd meter (stevig) klimmen. De uitzichten over de glooiende Vulkaaneifel maken al die inspanninkjes meer dan goed. Op een ander moment fiets ik weer pal langs de Kyll waar het water snel langs me heen stroomt. Ik passeer stille dorpjes en zie eens per half uur het rode treintje van de Eifel-Express langskomen. Na iets meer dan 25 kilometer kom ik aan bij het stationnetje van Kyllburg.

Toch maar fietsen?

Vanaf Kyllburg is het erg aantrekkelijk om het treintje naar Bitburg-Erdorf te pakken. Je slaat dan de enige, echt zware klim van deze reis over. Sportief als ik ben, kies ik voor het zadel. Eerst naar Kyllburg centrum voor een rondje rond de imposante Stiftskirche. Dan even omlaag om vervolgens aan het echte werk te beginnen; 1,8 kilometer met gemiddeld 6% stijging en pieken van meer dan 12%. Ik offer dan ook de nodige zweetdruppels aan het asfalt. De beloning volgt: een prachtig uitzicht en een overheerlijke afdaling, waardoor ik bijna de afslag naar Bitburg mis. Via een idyllisch bruggetje mag ik dan toch aan het laatste klimmetje naar het 100 meter hoger gelegen Bitburg beginnen. Het is niet anders, zodra je de rivier verlaat, moet je hier in de Eifel toch wel wat hoogte overwinnen. De beklimming blijkt zich over zo’n 3,5 km uit te strekken, dus echt steil werd het niet.

Gezellig Bitburg

Na een welverdiende lunch op het plein van het gezellige ‘bierstadje’ Bitburg, daal ik met gezwinde spoed de onlangs geklommen meters weer af naar de rivier en vervolg mijn weg over de schitterende ‘Kyll-Radweg’. Het wordt overwegend dalen afgewisseld met korte beklimmingen van zo’n 100 tot 300 m, die elkaar steeds wat sneller lijken op te volgen. Telkens keert de rivier weer terug aan mijn zijde evenals de rode Eifel-Express. De zon bruint ondertussen mijn armen en benen, dit heet puur fietsersgenot. Via idyllische dorpjes als Speicher, Auw an der Kyll en Kordel bereik ik Trier-Ehrang. Ik fiets over een desolaat industrieterrein, draai om een drukke Bundesstraße heen, hoor veel verkeer, en besef dat het mooiste gedeelte van de reis er op zit.

Roma Seconda

Maar dan word ik toch nog aangenaam verrast door de Moezel. De laatste kilometers van de reis blijkt namelijk de super populaire, Moezel ‘radweg’ te volgen. Zo zet ik, ontspannen kijkend naar het scheepvaartverkeer naast mij, koers naar de Römerbrücke voor mijn ‘Romeinse entree’ van Trier, de oudste stad van Duitsland. Alhoewel hier 3000 jaar BC al nederzettingen stonden, is Trier vooral bekend als “Roma Seconda” (het tweede Rome). Het was indertijd de hoofdstad van het westelijke deel van het Romeinse Rijk. De Porta Nigra, het Amfitheater en de ‘Hauptmarkt’ vormen de voornaamste relicten uit die glorieuze periode. Ik zijg neer op een Triers terras en laat na ‘Bitte ein Bit’, deze fantastische fietstocht nog even passeren. De volgende ochtend wacht voor mij de terugreis naar Aken.

Een keizerlijke reis

Deze prachtige tocht is voor eenieder die van rust en natuur houdt. Je begint in de boeiende Domstad Aken en eindigt in het levendige ‘Romeinse’ Trier. Daartussen ligt een prachtige route vol rust en ruimte. De fietstocht is niet al te zwaar en loopt grotendeels bergafwaarts. Voor het zwaarste gedeelte tussen Kyllburg en Bitburg-Erdorf kan de lokale trein, die parallel aan het fietspad loopt, verlichting bieden. Je kunt deze goed verzorgde fietsvakantie boeken op Fietsrelax.nl. Bedenk wel vooraf dat wanneer je de terugreis per trein van Trier naar Aken niet ziet zitten, je gewoon per taxibusje (met fiets en bagage) vanuit Trier kan worden teruggebracht naar je starthotel in Aken. Alles overziend, een keizerlijke reis dus!

 

 

 

Om deze website goed te laten functioneren maken we gebruik van cookies. Bekijk ons cookiebeleid. cookie instellingen aanpassen
extraSmallDevice
smallDevice
mediumDevice
largeDevice